Vaarregels voor sloep en motorboot - Hoe zit het ook alweer?

  • maandag, 28 mei 2018
  • HISWA
  • Boot

Het watersportseizoen is dit jaar vroeg begonnen. De ene mooi dag volgt na de andere. En al dat mooie weer zorgt natuurlijk ook voor drukte op het water. Om het voor iedereen op het water plezierig te houden, is het belangrijk dat we rekening met elkaar houden en goed op de hoogte zijn van wat wél en niet mag. Voor iedereen die met zijn sloep of motorboot het water op gaat, zetten wij daarom de belangrijkste regels en tips nog eens op een rij.

14x belangrijkste regels en tips!

  • Houd op het vaarwater, ook binnen de betonde vaargeul, zoveel mogelijk stuurboordwal (rechterkant) aan.
  • Wanneer je voorrang verleent aan en ander schip, pas dan tijdig de koers en snelheid van je sloep of motorboot aan. Maak duidelijk welke koers je vaart en geef elkaar de ruimte om te manoeuvreren. Verander niet plotseling van koers en snelheid!
  • Zorg voor goed zicht rondom je schip en kijk voldoende achterom.
  • Gebruik tijdig de juiste navigatieverlichting.
  • Houd hinderlijke golfslag of zuiging van je sloep of motorboot in de gaten. Minder op tijd vaart en voorkom gevaarlijke situaties en schade aan andere schepen.
  • Anker niet bij bruggen, sluizen, werkschepen met uitstaande ankers en in het midden van een vaarwater.
  • Drukke vaarroute? Voorkom laveren en houd het midden vrij voor grote schepen.
  • Houd afstand bij visnetten. Visnetten herken je aan de zwarte of gele vlaggetjes of door een bord met een groen/witte ruit. De groene kant duidt de veilige passeerzijde aan.
  • In natuur- en woongebieden dient de rust bewaard te worden.
  • Beperk het geluid van radio en overige muziekinstallaties en bezorg je omgeving geen overlast.
  • Hoewel het warme weer vaak uitnodigt voor een frisse duik, is het belangrijk om niet zomaar het water in te springen. Zwem alleen waar het mag en veilig is. Zo is zwemmen in gedeelten van de vaarweg bestemd voor de doorgaande vaart, bij bruggen, sluizen en wachtplaatsen verboden.
  • Voor boten die sneller kunnen varen dan 20 km/u is een vaarbewijs verplicht. De vaarbewijsplicht geldt eveneens voor niet-snelvarende boten die langer zijn dan 15 meter.
  • Vaar alcoholvrij! De wettelijke grens op het water ligt op 0,5 promille. Er wordt gecontroleerd en de boetes zijn hoog!

3x de ongeschreven regels

  • Bij het aanmeren bevestig je de landvasten van je sloep of motorboot altijd onder de landvasten van de schepen die reeds aangemeerd liggen.
  • Lig je naast een ander schip? Verlaat het eigen schip altijd zo rustig mogelijk via de voorkant van het naastgelegen schip.
  • Uitgangspunt is dat je het eigen schip in dezelfde richting aanmeert aan de kade als de andere schepen zodat iedereen privacy in de achterkuip behoudt.

6x voorrang

  • Kleine schepen (korter dan 20 meter) moeten in principe voorrang verlenen aan grote schepen (langer dan 20 meter). Veerponten, passagiersschepen, sleep- en duwboten en vissersschepen die in bedrijf zijn, hebben de rechten van ‘groot’. Ook als ze korter zijn dan 20 meter. Er zijn echter uitzonderingen. Bijvoorbeeld wanneer ze aan de stuurboordzijde in een vaargeul varen. In het Binnenvaartpolitiereglement is alle informatie over uitzonderingen te vinden.
  • Een klein schip mag havenmedewerking verlenen bij het vertrekken, keren en in- of uitvaren van een ander klein schip.
  • Een schip dat het hoofdvaarwater op wil varen, moet voorrang verlenen aan een schip dat in de betonde vaargeul aan stuurboordzijde van het hoofdvaarwater vaart. Er is echter een uitzondering: komt een schip uit een betond nevenvaarwater varen dan moet een klein schip op het hoofdvaarwater medewerking verlenen aan een groot schip dat van het betond nevenvaarwater komt.
  • Een klein motorschip (tot 20 meter) moet voorrang verlenen aan een klein zeilend schip (tot 20 meter) of een roeiboot als hun koersen kruisen en geen van de schepen aan stuurboordwal vaart. Een groot motorschip of een groot zeilschip verleent in deze situatie voorrang aan het schip dat van stuurboord nadert.
  • Voor kleine motorschepen onderling geldt: als jullie koersen kruisen en geen van de schepen aan stuurboordwal vaart, krijgt het schip dat van stuurboord nadert voorrang.
  • Vaar je vanuit een haven of nevenvaarwater een hoofdvaarwater op of steek je over, of vice versa, dan moet je ervoor zorgen dat andere vaarweggebruikers niet genoodzaakt worden hun koers en snelheid plotseling en in sterke mate te veranderen. Het bord B.9 betekent dat schepen op het hoofdvaarwater altijd voorrang hebben.

Vanaf welke leeftijd mag je een boot besturen?

  • Snelle motorboot: 18 jaar.
  • Motorboot, groot schip en zeilboot langer dan 7 meter: 16 jaar.
  • Open motorboot, die niet sneller kan dan 13 km/u en korter is dan 7 meter: 12 jaar.
  • Zeilbootjes korter dan 7 meter en kleine roeibootjes: geen minimumleeftijd.

Bron: Politie -Vaarregels

Varen doe je samen! Ken de vaarregels.

Deel dit artikel

Nieuwste Video

meer video's »